RIZIV biedt meer feedback en benchmarking voor zorgverleners
Plan Appropriate Care vertaald naar 29 concrete acties
Het RIZIV heeft zijn strategische Meerjarenplan Appropriate Care 2026-2027 vertaald in 29 concrete actiefiches. Artsen krijgen meer inzichten in de eigen activiteit en het voorschrijfgedrag, kunnen zich vergelijken met collega’s en krijgen systematischere feedback bij afwijkingen. Ook ziekenhuizen worden gebenchmarkt.
In juni presenteerde het RIZIV een strategisch meerjarenplan Appropriate Care voor 2026-2027. Dat plan moet ervoor zorgen dat patiënten “de juiste zorg krijgen, op het juiste moment en de juiste plaats, door de meest geschikte zorgverlener en tegen een maatschappelijk verantwoorde kost.”
Het plan richt zich vooral op twee problemen: Low Value Care (zorg waarvan de meerwaarde beperkt of afwezig is), en ongerechtvaardigde verschillen in de manier waarop zorgverleners of instellingen patiënten behandelen.
Dat strategische plan is nu vertaald in 29 ‘actiefiches’. Per actie wordt vastgelegd wat er moet gebeuren, wie verantwoordelijk is, welke andere partijen betrokken worden, wat de timing is en welke middelen nodig zijn. De fiches beschrijven zowel maatregelen die zorgverleners rechtstreeks zullen merken, als acties achter de schermen bij het RIZIV en andere overheidsinstellingen.
Eigen activiteit vergelijken met collega’s
Een van de meest tastbare veranderingen voor individuele zorgverleners is de verdere uitbouw van ProGezondheid. Zorgverleners krijgen er gedetailleerde statistieken over hun eigen verstrekkingen. Een eerste versie met persoonlijke activiteitsgegevens werd in april 2026 beschikbaar. Tegen eind 2027 wordt daaraan benchmarking toegevoegd, zodat een zorgverlener zijn activiteit met die van collega’s in dezelfde situatie kan vergelijken.
Voorschrijfgedrag
Specifiek voor artsen en tandartsen komt er daarnaast een afzonderlijk luik over het voorschrijfgedrag. Zij krijgen statistieken over de zorg, geneesmiddelen en medische hulpmiddelen die zij voorschrijven.
Het RIZIV noemt het ongepast voorschrijven van antibiotica, medische beeldvorming en klinische biologie als voorbeelden van ondoelmatige zorg die hiermee in beeld komt. Maar het werkt ook in de andere richting: deze statistieken kunnen er ook op wijzen dat bepaalde klinisch-biologische onderzoeken voor de opvolging van patiënten (diabetes, anticoagulatie…) onderbenut blijven.
Een eerste versie staat gepland voor het vierde kwartaal van 2026; tegen eind 2027 moet ook hier benchmarking mogelijk zijn.
Afwijkingen van goede medische praktijk
Het RIZIV wil via ProGezondheid bovendien dynamische feedback geven over de indicatoren waarmee de Nationale Raad voor Kwaliteitspromotie (NRKP) manifeste afwijkingen van goede medische praktijk identificeert.
Zorgverleners kunnen daardoor zelf opvolgen hoe hun praktijk zich verhoudt tot die indicatoren en tot die van collega’s.
Die feedback is niet vrijblijvend. Wanneer een zorgverlener een drempelwaarde overschrijdt, kan hem gevraagd worden die te verantwoorden. De Dienst voor Geneeskundige Evaluatie en Controle (DGEC) beoordeelt vervolgens of verdere opvolging noodzakelijk is. In 2026 lopen er al trajecten rond antibiotica, meniscectomie, NMR-onderzoeken, bariatrische chirurgie en PPI’s.
Daarnaast blijft het RIZIV jaarlijks rapporten publiceren over variaties in medische praktijken en geneesmiddelengebruik op de website 'Naar een gezond België' . De rapporten tonen onder meer evoluties in de tijd, geografische verschillen en de financiële impact voor de ziekteverzekering.
Zorgverleners moeten zelf knelpunten aanwijzen
De beroepsgroep krijgt tegelijk een grotere rol bij de keuze van praktijken die onder de loep worden genomen. Wetenschappelijke verenigingen worden gevraagd om binnen hun discipline ongewenste praktijkvariaties en Low Value Care te identificeren en voorstellen voor verbetering te formuleren.
Uit die voorstellen selecteert het RIZIV drie pilootdomeinen: één in de ambulante zorg, één in het ziekenhuis en één rond technische onderzoeken.
Ook komen er ad-hoc wetenschappelijke kamers waarin experten concrete onderwerpen analyseren en maatregelen voorstellen. De eerste pilootprojecten gaan over nierinsufficiëntie en CVA.
Benchmarking voor ziekenhuizen
Ook ziekenhuizen zullen via ProGezondheid zicht op hun activiteit krijgen. Vanaf 2027 moeten automatisch gegenereerde rapporten beschikbaar worden, die minstens jaarlijks worden geactualiseerd. Ze moeten ziekenhuizen toelaten hun activiteit in de tijd te volgen en situaties te identificeren die verder onderzoek verdienen. Ook voor ziekenhuizen wordt in een volgende stap benchmarking mogelijk.
Er komen ook specifieke indicatoren voor de doelmatigheid van de verleende zorg in ziekenhuizen. Ook bepaalde indicatoren van manifeste afwijking zullen op ziekenhuisniveau worden berekend, met meniscectomie en bariatrische chirurgie als eerste.
De Eenheid Audit Ziekenhuizen voert vandaag al thematische audits uit in ziekenhuizen. Ziekenhuizen krijgen daarbij een individueel rapport met verbeterpunten. Naast deze uitgebreide thematische audits wil het RIZIV ook compactere, gerichte medische audits rond kwaliteit en doelmatigheid ontwikkelen.
Eén evidenceportaal voor zorgverleners
Een andere reeks fiches hervormt het Belgische landschap voor Evidence-Based Practice. Zoals al eerder beslist, worden de activiteiten van het Evikey-netwerk gecentraliseerd bij het KCE, dat vanaf 2027 een geïntegreerde structuur voor de productie, validatie, verspreiding en implementatie van wetenschappelijke evidentie moet uitbouwen.
Daarbij hoort één geïntegreerd Evidence Portal voor alle Belgische zorgverleners. Dat moet onder meer richtlijnen, systematische reviews, klinische samenvattingen, beslissingsondersteuning en implementatie-instrumenten samenbrengen. Bestaande instrumenten zoals CDLH, ebpracticenet en Evidence Linker worden erin geïntegreerd. Ook AI-ondersteuning voor het zoeken naar informatie wordt voorzien. Het platform moet tegen eind 2027 worden uitgebouwd.
Voor antibioticagebruik heeft het KCE bovendien de opdracht gekregen om richtlijnen structureel te actualiseren. Vanaf 2027 geldt dit ook voor de BAPCOC-gids voor rationeel antibioticagebruik in de ambulante praktijk, waarbij ook de afstemming tussen de eerste en tweede lijn moet worden bewaakt.
Apothekers: antibiotica en MFO
Het RIZIV wil via FarmaFlux afleveringsgegevens uit openbare apotheken gebruiken om het gebruik van antimicrobiële middelen nauwkeuriger op te volgen. Het gaat daarbij om zowel terugbetaalde als niet-terugbetaalde middelen. Een FarmaFlux Antimicrobieel dashboard is gepland voor het vierde kwartaal van 2026.
Daarnaast wordt het medisch-farmaceutisch overleg (MFO) geëvalueerd. In september werd al bekend dat het RIZIV geen aanvragen voor nieuwe MFO-programma’s meer goedkeurt. Er zal eerst onderzocht worden welke impact financieel ondersteunde MFO's hebben op de kwaliteit van zorg, wat de kosten zijn, hoe ze geografisch zijn verdeeld en welke administratieve lasten eraan verbonden zijn.
Achter de schermen
Een deel van de 29 fiches is vooral bestuurlijk en zal voor individuele zorgverleners minder zichtbaar zijn. Zo komt er tegen eind 2026 een Commissie Appropriate Care, met vertegenwoordigers van onder meer overheidsinstellingen, universiteiten, ziekenfondsen en zorgverleners. Ook worden de opdrachten van bestaande RIZIV-organen tegen het licht gehouden om overlappingen te vermijden.
Andere fiches regelen de interne opvolging van het meerjarenplan, de voorbereiding van het plan 2028-2029, de samenwerking tussen RIZIV en KCE, de evaluatie van beleidsinstrumenten, de uitbouw van gedeelde dataplatformen en de verbetering van de datakwaliteit.
Het RIZIV benadrukt daarbij dat het operationele plan geen statisch geheel is: acties kunnen worden aangepast of toegevoegd naargelang nieuwe gegevens, signalen uit het veld, beleidsprioriteiten en beschikbare middelen.
Ontdek alle 29 actiefiches op de website van het RIZIV.