WHO waarschuwt voor stijgend aantal gevallen van westnijlvirus in Europa
De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) roept Europese landen op om de bewaking van muggenpopulaties te intensiveren en de bevolking beter voor te lichten over beschermende maatregelen, nu het aantal gevallen van het westnijlvirus in delen van Europa toeneemt en het overdrachtsseizoen net van start is gegaan.

Voor de meeste mensen blijft het risico laag, maar iedereen die in een getroffen gebied woont of erheen reist, moet basismaatregelen nemen om muggenbeten te voorkomen en de symptomen van een ernstige ziekte te herkennen, voor het geval zijzelf of iemand in hun naaste omgeving ziek wordt, klinkt het.
Griekenland meldt momenteel de sterkste stijging, met 21 bevestigde gevallen van het virus waarvan 14 in de afgelopen week. Bij 20 van hen leidde dit tot een infectie van het centrale zenuwstelsel, zoals hersenvliesontsteking. Ook in Italië (21 gevallen), Spanje (2), Roemenië (2) en Noord-Macedonië (2) zijn lokaal opgelopen besmettingen gerapporteerd.
"Het westnijlvirus is geen nieuwe bedreiging, maar de omstandigheden waarin het zich verspreidt, veranderen snel", zegt Hans Kluge, regionaal directeur van WHO/Europa. "Hogere temperaturen en langere zomers geven muggen meer tijd en terrein om dit virus over te dragen. Ongeveer 1 op de 150 mensen die het oplopen, ontwikkelt een ernstige infectie die het centrale zenuwstelsel aantast en levensbedreigend kan zijn."
Ongeveer 70 tot 80 procent van de besmette personen vertoont geen symptomen. Wie wel ziek wordt, kan last krijgen van koorts, hoofdpijn, spierpijn en misselijkheid. Ernstige ziektebeelden uiten zich in hoge koorts, stijfheid van de nek, verwarring of verlamming. Om besmetting te voorkomen, adviseert de WHO bedekkende kleding te dragen, muggenmelk te gebruiken en stilstaand water rond het huis te verwijderen, aangezien muggen zich daar voortplanten.
Het westnijlvirus wordt voornamelijk overgedragen door muggen die zich hebben gevoed met het bloed van besmette vogels. Overdracht via orgaantransplantatie, bloedtransfusie, zwangerschap en borstvoeding is eveneens vastgesteld, hoewel dit zelden voorkomt. Er is nog nooit een geval van overdracht van mens op mens via alledaags contact geregistreerd.
In Europa lopen de meeste besmettingen bij mensen van het late voorjaar tot het najaar, met een piek tussen juli en september. Er bestaat op dit moment geen vaccin of specifieke behandeling voor de mens. De zorg beperkt zich tot symptoombestrijding en ondersteunende therapie in het ziekenhuis.