Extramurale zorg: waar blijft de samenhang?
Aan de vooravond van de Interministeriële Conferentie Volksgezondheid roepen GIBBIS, santhea, UNESSA en Zorgnet-Icuro de overheden op tot grote voorzichtigheid bij de lopende denkoefeningen over het uitbreiden van zorgprestaties buiten het ziekenhuis.

De invloedrijke ziekenhuiskoepels erkennen dat het legitiem is om zich af te vragen welke zorgprestaties buiten het ziekenhuis kunnen worden georganiseerd, gezien de ontwikkeling van de medische technologieën.
Deze discussie past volledig in het kader van de hervorming van het ziekenhuislandschap. Deze hervorming moet het hoofd bieden aan de toenemende zorgbehoeften, de steeds ernstiger wordende personeelstekorten en de budgettaire beperkingen.
Het ontlasten van de intramurale zorg door middel van onafhankelijke zorgstructuren buiten het ziekenhuis roept volgens de ziekenhuisorganisaties fundamentele vragen op over de samenhang van het zorgmodel dat ons land wil opbouwen. "Dreigen we zo niet precies die versnippering te versterken die we net willen wegwerken?"
Het gaat niet alleen om de organisatie en de financiën: de hervormingen zullen directe gevolgen hebben op de toegankelijkheid van zorg, de kwaliteit van behandelingen, de organisatie van wachtdiensten, de opleiding van zorgverleners en uiteindelijk op de toekomst van het Belgische ziekenhuismodel", waarschuwen ze.
Dezelfde normen
De koepelorganisaties wijzen erop dat „ziekenhuizen vandaag de dag onderworpen zijn aan een bijzonder veeleisend pakket van kwaliteits-, veiligheids- en organisatienormen: hygiëne en sterilisatie, geneesmiddelenbeheer, anesthesiepermanentie, elektronische patiëntendossiers, cyberveiligheid, gegevensbescherming, audits, toegankelijkheid voor personen met beperkte mobiliteit, brandveiligheid, enzovoort.
Deze eisen garanderen patiënten terecht veilige en hoogwaardige zorg. Als zorgprestaties buiten het ziekenhuis plaatsvinden, moet één principe centraal staan: dezelfde zorg moet aan dezelfde eisen voldoen, stellen de koepelorganisaties.
Ze wijzen er ook op dat regels rond ereloonsupplementen die gelden voor ziekenhuizen niet van toepassing zijn op dergelijke extramurale structuren. "Zelfs indien dezelfde normen zouden gelden, dreigen we in de praktijk private dagklinieken buiten het ziekenhuis te creëren, enkel toegankelijk voor wie daar de financiële middelen voor heeft. Dat zou leiden tot een geneeskunde met twee snelheden, waarbij de toegang tot zorg afhankelijk wordt van het inkomen van de patiënt."
"Cherry picking"
De koepels waarschuwen ook voor het risico dat meer eenvoudige en planbare zorg geleidelijk buiten het ziekenhuis wordt georganiseerd, terwijl ziekenhuizen verantwoordelijk blijven voor complexe zorg, spoedgevallen, wachtdiensten en multidisciplinaire trajecten.
Dat bedreigt het organisatorisch en financieel evenwicht van ziekenhuizen door hen te beroven van activiteiten die vandaag de dag essentieel zijn voor de financiering van hun maatschappelijke opdrachten.
Wachtdiensten en opleiding
De ziekenhuisorganisaties vrezen bovendien dat steeds minder artsen de verantwoordelijkheid van de wachtdiensten zullen dragen zodra bepaalde activiteiten buiten het ziekenhuis worden verplaatst. "Tegelijk dreigen ziekenhuizen minder aantrekkelijk te worden voor bepaalde artsen-specialisten, wat de bestaande rekruteringsproblemen verder versterkt."
Ze wijzen er ook op dat opleidingsmogelijkheden voor artsen in opleiding dreigen af te nemen.
Evenwicht in het systeem
Voor GIBBIS, santhea, UNESSA en Zorgnet-Icuro geldt dat elke wijziging van het huidige kader het evenwicht van ons gezondheidszorgsysteem moet behouden.
Daarom verzetten de koepelorganisaties zich "tegen een verschuiving van ziekenhuiszorg naar structuren buiten de ziekenhuissector wanneer dit de ongelijkheid vergroot en een geneeskunde met twee snelheden in de hand werkt."