Vraag in EU-Parlement over therapietoerisme door kankerpatiënten
Europees Parlementslid Liesbet Sommen (cd&v, PPE) stelde op 20 januari een parlementaire vraag aan de Europese Commissie over ‘Ultieme hoop als commercieel product voor uitbehandelde kankerpatiënten’.
Herman Nys, em. prof. medisch recht KU Leuven
Volgens Sommen blijkt uit recent journalistiek onderzoek dat terminaal zieke kankerpatiënten, gedreven door wanhoop, hun toevlucht nemen tot dure en wetenschappelijk onbewezen behandelingen in andere lidstaten. Daarbij wordt met name Duitsland genoemd, waar experimentele therapieën zijn toegestaan zolang ze niet expliciet verboden zijn.
Grote verschillen in nationale regelgeving geven aanleiding tot grensoverschrijdend ‘therapietoerisme’. Kwetsbare patiënten wijken uit naar de lidstaten met de soepelste regels, wat leidt tot commerciële uitbuiting en risico’s voor patiëntveiligheid. Artsen en klinieken opereren daarbij soms vrijwel ongecontroleerd over de grenzen heen, terwijl patiënten en nabestaanden bij schade of overlijden vaak geen juridische bescherming genieten.
Er zijn binnen de EU gratis en gereguleerde klinische studies beschikbaar, maar deze blijven onderbelicht. Online overheersen commerciële succesverhalen, terwijl objectieve informatie over risico’s ontbreekt.
Experts pleiten daarom voor een Europees meldpunt voor negatieve ervaringen met experimentele therapieën.
Vragen aan de Europese Commissie
Het parlementslid stelt volgende vragen aan de Europese Commissie:
- Erkent de Commissie dat verschillen in nationale regelgeving inzake experimentele therapieën leiden tot grensoverschrijdende risico’s en commerciële uitbuiting van terminaal zieke patiënten?
- Kan de Commissie binnen de huidige bevoegdheidsverdeling minimumnormen voor het commercieel aanbieden van experimentele behandelingen invoeren?
- Is de Commissie bereid het voorstel voor een Europees meldpunt te onderzoeken en te integreren in het Europees kankerbestrijdingsplan?
Nog geen antwoord
Zoals gebruikelijk zal het wel enkele maanden duren voordat de bevoegde Eurocommissaris namens de Europese Commissie een antwoord op deze vraag zal geven.
Gelet op het aangekaarte probleem lijkt het echter de moeite waard om nu al te wijzen op de vraag.