Drie op vier Belgen sterven in ziekenhuis of woonzorgcentrum
Drie op de vier Belgen overlijden in een ziekenhuis of woonzorgcentrum. Dat blijkt uit een nieuwe studie van de Christelijke Mutualiteit (CM), gebaseerd op gegevens over de zorg aan het levenseinde van leden die tussen 2023 en 2024 zijn overleden.
De onderzoekers analyseerden gegevens van bijna 95.000 leden die kwamen te overlijden, van 40 jaar en ouder, en vergeleken die met cijfers uit 2005 en 2006. Daarbij werd gekeken naar de plaats van overlijden — thuis, in een woonzorgcentrum of in het ziekenhuis — en hoe die samenhangt met het zorgtraject en het gebruik van zorgdiensten, in het bijzonder palliatieve zorg.
Het onderzoek toont aan dat 76,1% van de mensen overlijdt in een zorginstelling: 42,6% in het ziekenhuis (tegenover 50% in 2005-2006) en 33,5% in een woonzorgcentrum (tegenover 23% in 2005-2006). “Dit is een belangrijke bevinding, omdat het aantoont dat het levenseinde zich in de meeste gevallen binnen zorginstellingen afspeelt. De kwaliteit van zorg in deze fase moet dan ook een centrale plaats krijgen in onze prioriteiten”, benadrukt Elise Derroitte, vicevoorzitter van CM.
Palliatieve zorg
Binnen de ziekenhuismuren is er een lichte stijging te zien in het aandeel overlijdens op palliatieve afdelingen, namelijk van 10% naar 13%.
“Het feit dat slechts 13% van de sterfgevallen plaatsvindt op een palliatieve afdeling in het ziekenhuis is verontrustend, zeker gezien het grote aantal mensen dat in het ziekenhuis overlijdt”, reageert Derroitte. “De meerwaarde van palliatieve zorg wordt nog te weinig erkend. Een herziening en uitbreiding van het aantal bedden op deze afdelingen zou een stap in de goede richting zijn.”
Algemeen blijkt dat palliatieve zorg, zowel in het ziekenhuis als thuis, vaak laat wordt opgestart. Slechts 22% van de onderzochte patiënten ontving palliatieve zorg in de laatste drie maanden van hun leven. Bij de helft van hen begon deze zorg pas 46 dagen voor het overlijden.
Ongelijkheid aan het levenseinde
Mensen met een verhoogde tegemoetkoming (BIM) hebben een significant hogere kans om palliatieve zorg te ontvangen dan mensen zonder die status (+15%). Daarnaast overlijden mensen met een BIM-status minder vaak thuis en vaker in het ziekenhuis of een woonzorgcentrum. Een gelijkaardige trend is zichtbaar bij alleenstaanden: ook zij overlijden minder vaak thuis en vaker in een zorginstelling dan mensen die niet alleen wonen.
Tot slot hebben vrouwen een significant grotere kans dan mannen om in een woonzorgcentrum te overlijden. Dat hangt samen met het feit dat vrouwen vaker hun partner thuis verzorgen. Wanneer zij zelf zorg nodig hebben, ontbreekt die informele ondersteuning vaker, waardoor ze sneller in een ziekenhuis of woonzorgcentrum terechtkomen.